Antwoordgedicht op het bekende sonnet “Ik ben een God in ’t diepst van mijn gedachten” van Willem Kloos.
Ik ben een kind gebleven diep van binnen
dat op een krukje naar de wereld staart
voor wie de raadsels nooit zijn opgeklaard
en dagen steeds van voor af aan beginnen.
De schrik kan ik gewoon niet overwinnen
dat ik geen regels leerde voor het leven
waar anderen zich zelfbewust begeven
ben ik een kind gebleven diep van binnen.
Toch kun je mij onmogelijk bereiken
achter een pantser heb ik me verschanst
waar ik jouw omhelzing kan ontwijken
en onkwetsbaar ben voor jouw verdriet
want tegen elke prijs zal ik vermijden
dat je mij ooit op dat krukje ziet.